Het pad samen is een traject van tien lessen voor jullie als paar. Het brengt drie manieren van kijken bijeen die elkaar onderweg voortdurend aanvullen. De eerste is de taal van het innerlijke kind, waarmee we het jongere deel in ieder van jullie leren kennen dat soms nog meepraat in jullie gesprekken. De tweede is de praktijk van open en eerlijke communicatie, met aandacht voor hoe je een moeilijk gesprek begint en hoe je na een botsing weer naar elkaar terugkeert. En de derde is de blik op het lichaam, die zichtbaar maakt hoe ieder van jullie ooit een eigen overlevingshouding ontwikkelde — en hoe die twee houdingen samen een herkenbare dans vormen.

De rode draad door alle tien de lessen is steeds dezelfde: leren een gesprek te voeren waarin twee volwassenen met elkaar praten, met respect voor de twee kinderen die altijd óók in de kamer zijn, en met begrip voor de dans die jullie lichamen al jaren samen dansen.

De lessen volgen een vaste, voorspelbare opbouw, zodat jullie steeds weten wat je te wachten staat. Elke les opent met een korte schets van waar we in die les naar kijken. Daarna volgt iets om samen te doen — een gesprek of een oefening, met een richttijd. Vervolgens is er een kleine aantekening voor ieder van jullie apart, elk met een eigen klein voorstel. Verder bevat elke les een paar korte passages uit de drie boeken die het traject dragen, met telkens een leessuggestie voor daarna. En elke les sluit af met één kleine vraag om mee te dragen — geen huiswerk, eerder iets om in je achterzak te houden.

Onderweg komen twee hulpmiddelen langs, allebei helemaal aan het begin, nog vóór de eerste les. Eerst vult ieder van jullie afzonderlijk de karakterstructurentest in: onbevangen, voordat de lessen je antwoorden kunnen kleuren. De uitkomst rust dan even; rond de derde of vierde les opent je begeleider samen met jullie het portret dat uit beide testen is ontstaan — van jullie beider overlevingshoudingen, en van de dans die ze samen vormen. Daarna volgt de partnervragenlijst, eveneens ieder voor zich; die vormt het vertrekpunt van les 1.

Qua ritme en vorm: het traject bestaat uit tien lessen; het ritme stemmen jullie af met je begeleider. Reken per les op een gezamenlijk gesprek of een oefening, plus een korte leessuggestie. Er is geen vaste einddatum en geen verplichting om alles ‘af’ te krijgen. Wat wél gevraagd wordt, is een zekere regelmaat en de bereidheid om iets ongemakkelijks niet meteen weg te poetsen.

In grote lijnen is dit de weg. Na een rustige aankomst (les 1) maken we kennis met het kind in de een (les 2) en het kind in de ander (les 3). Daarna kijken we naar hoe die twee kinderen elkaar al jaren ontmoeten (les 4), en naar wat tussen jullie blokkeert én draagt (les 5). Vervolgens oefenen we het goede begin van een moeilijk gesprek (les 6) en het opmerken van de kleine signalen waarmee jullie om contact vragen (les 7). Les 8 maakt voorzichtig ruimte voor seksualiteit en intimiteit. Les 9 gaat over de weg terug na een botsing, en les 10 kijkt vooruit: wat nemen jullie mee, en welke kleine rituelen dragen jullie verder?

Naar de tien lessen